“We willen mensen hier echt laten groeien.”

22 juni 2022 | over Roetz

Carmel Azami (1987) is sinds november 2021 jobcoach bij Roetz. Dankzij zowel haar persoonlijke levenservaring als haar werkachtergrond is zij de aangewezen persoon om de makers bij Roetz te begeleiden. Leer Carmel kennen in dit interview!

Voordat ze als jobcoach bij Roetz aan de slag ging, werkte Carmel bij A Beautiful Mess, een restaurant waar nieuwkomers (mensen met een vluchtelingenachtergrond) worden begeleid naar een baan in de horeca. Ze coachte daar mensen die pas kort in Nederland waren. “Het restaurant is daar een middel, net als de fiets dat bij Roetz is. Het traject dat mensen daar doorlopen, is ook vergelijkbaar met dat bij Roetz. Het grote verschil is dat bij Roetz niet alleen nieuwkomers terecht kunnen, maar echt iedereen die het niet zelfstandig lukt om aan het werk te gaan. Dat kan om allerlei redenen zijn: van burn-out tot fysieke beperking.

Die diversiteit maakt mijn werk heel leuk.” Carmel heeft dus ruime ervaring met werken met mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie, en dat wordt haar niet gauw teveel. Ze is een geboren luisteraar en wil altijd écht begrijpen hoe het zit en wat mensen nodig hebben.

In de fietsenfabriek begeleidt Carmel ruim vijfendertig makers. Ze voert de intakegesprekken, zorgt dat mensen op de juiste plek in de fabriek aan de slag gaan en houdt zich vervolgens bezig met hun ontwikkeling. Daarbij kijkt ze zowel naar werknemersvaardigheden als naar technische vaardigheden, alles met als einddoel het vergroten van hun eigenwaarde. Sommige makers bij Roetz hebben bijvoorbeeld nooit eerder geleerd hoe je fijn samenwerkt met collega’s. Carmel leert ze wat ‘werkcultuur’ eigenlijk is, welke soft skills daarbij belangrijk zijn en hoe je je plek vindt op de werkvloer. Met als doel: dat mensen ook na hun tijd bij Roetz (weer) kunnen meedraaien in de samenleving.

Weer meedraaien in de samenleving

Ook Carmels eigen ervaringen met ‘werkcultuur’ zijn nuttig in haar functie bij Roetz. “Ik heb communicatie gestudeerd en dacht altijd dat ik zo’n ambitieuze consultant zou worden. Totdat ik een scriptie schreef over maatschappelijk verantwoord ondernemen en sociale ondernemingen. Eigenlijk begreep ik toen al dat daar m’n hart lag. Maar ik heb eerst nog een paar jaar als accountmanager bij een communicatiebureau gewerkt – en toen raakte ik overspannen.” Haar burn-out heeft Carmel veel geleerd over wat ze graag wil in haar leven en werk.

“Doordat het fout liep, ben ik goed bij mezelf te rade gegaan. Ik ging vrijwilligerswerk met nieuwkomers doen, kwam bij Refugee Company terecht en nu werk ik hier. En dat klopt helemaal.”

Omdat ze zelf twee jaar thuis zat, weet ze wat het betekent om niet (meer) helemaal mee te draaien. Waardevolle levenslessen voor haar functie, waarin ze ook mensen die lang werkloos zijn geweest, weer ‘in het ritme’ helpt en zo hun gevoel van eigenwaarde vergroot. “Ik weet uit ervaring: je gaat je vanzelf beter voelen als je je weer onderdeel voelt van iets groters, als je je verbonden voelt met anderen en weer je eigen keuzes mag maken.”

De meeste mensen deugen

Als jobcoach is ze de hele dag bezig met de vraag: wat hebben mensen nodig om zich goed te kunnen ontwikkelen? En hoe gaan we met elkaar om? Carmel raakte geïnspireerd door De meeste mensen deugen van Rutger Bregman, en probeert zijn ‘lessen’ ook op de werkvloer toe te passen, vooral het uitgaan van een positief mensbeeld. “Ik probeer te zorgen voor een open en respectvolle sfeer, een veilige omgeving waar we uitgaan van het goede en positieve in mensen – zonder oordelen. En ik ga er altijd vanuit dat er in alle mensen een talentvol, gemotiveerd en verantwoordelijk persoon schuilt. Ik geloof dat alles wat aandacht krijgt, groeit. Als je mensen behandelt alsof ze verantwoordelijk en betrouwbaar zijn, dan worden ze dat uiteindelijk ook. Doet iemand iets fout, dan geven we geen straf maar dan gaan we op zoek naar de juiste manier waarop diegene zichzelf weer kan motiveren.”

Daarnaast probeert Carmel de onbewuste vooroordelen die ieder mens nou eenmaal heeft, bespreekbaar te maken. “Je hebt altijd een oordeel over de ander, of je dat nou wil of niet. En dat geeft ook niet. Maar voor een gezonde werksfeer is het wél goed om je ervan bewust te zijn.” Er zijn ook meer pragmatische ‘omgangsregels’, die ze leerde bij haar vorige werkgever. “Iemand met een vluchtelingenachtergrond kan je bijvoorbeeld niet zomaar naar zijn of haar vluchtverhaal vragen.”

Een veilige plek

Geen werkdag is voor Carmel hetzelfde, maar een paar dingen keren altijd terug. Zo voert Carmel de intakegesprekken met nieuwe makers die bij Roetz binnenkomen en begeleidt ze hen tijdens hun proefdagen. Is er een match? Dan starten ze met een traject en gaat Carmel om de twee maanden in gesprek over hun voortgang. “We hebben het dan over hoe ze willen groeien, waar ze tegenaan lopen, waar ze naartoe willen. Sommige mensen weten heel precies wat ze willen: werken in een fietsenwinkel en veel contact met klanten, bijvoorbeeld. Maar als je dat nog niet weet, kun je je hier juist goed oriënteren.” En als er tussendoor iets is, kunnen makers ook altijd bij Carmel terecht. “Roetz wil een veilige plek zijn: je mag hier fouten maken, jezelf zijn, onzeker zijn en dat gewoon hardop zeggen.”

Gehoord en gezien voelen

Hoe kun je zien of mensen echt groeien op de werkvloer (en daarbuiten)? “Daar hebben we inmiddels best wat ervaring mee opgedaan. De toegevoegde waarde van een plek als Roetz, is dat wij echt in ieder mens talent kunnen herkennen. We kijken naar wat je wél kan, en daar leggen we de focus op. Mensen die al een tijd thuis zitten, voelen zich soms heel nutteloos. Hier krijg je heel snel te horen wat jouw nut is, wat jij bijdraagt.” Het belangrijkste voor Carmel is dan ook dat makers zich gehoord en gezien voelen, en zich daardoor (weer) zeker van zichzelf gaan voelen. En dat ze zelf zoveel mogelijk de regie houden over hun pad binnen Roetz. Dáár zit waar haar betreft het werkgeluk. “Laatst zei een maker tegen me: alleen al dat ik nu op verjaardagen kan zeggen dat ik in een fietsenfabriek werk, daardoor voel ik me al veel zelfverzekerder. Ook al deed diegene het simpelste werk denkbaar: hij had weer een reden om uit bed te komen.”

Het overgrote deel van de makers blijft een half jaar tot twee jaar bij Roetz. Daarna ziet Carmel ze, zodra ze daar klaar voor zijn, het liefst naar een andere passende plek doorstromen, waar ze zich verder kunnen ontwikkelen. “We willen mensen echt laten doorgroeien, met als einddoel een betaalde baan.” Samen met directeur Ellen en hoofd werkplaats Milan bekijkt Carmel of mensen klaar zijn om verder te gaan. Ze koppelen de makers dan aan werkgevers in het Roetz-netwerk, waar ze op proef aan de slag gaan. “En dat gaat heel vaak heel goed. Ik geloof daardoor echt in wat we hier doen, mensen worden hier goed voorbereid om weer aan het werk te gaan.”

Leren door te doen

Carmels functie vraagt om een grote dosis inlevingsvermogen, een goed luisterend oor én het vermogen om je werk niet te veel mee naar huis te nemen. “Ik denk dat het voor iedereen gezond is dat ik de verhalen die ik hier hoor, ook weer los kan laten. In mijn vorige baan heb ik geleerd dat je niet moet proberen om iemands probleem zelf op te lossen, maar iemand daarbij moet coachen.” Natuurlijk ontkom je er als jobcoach niet aan dat je ook verhalen hoort over ontwikkelingen buiten de fabriek, verhalen die niet altijd even rooskleurig zijn. Carmel: “Dan help ik mensen wel om de juiste weg te vinden naar hulp. Wij zijn hier tenslotte wel de oren en ogen van mensen, wij signaleren bepaalde problemen vaak als eerste.”

Als jobcoach bij Roetz zit Carmel dus goed op haar plek. Door ervaring, oefening en deels natuurlijk ook door karakter kan ze hier echt iets bijdragen. “Ik ben oprecht geïnteresseerd in onze makers, ik neem ze volledig serieus en ik zie meestal goed wat iemand nodig heeft.” Bij Roetz heeft Carmel ook weer veel nieuwe dingen geleerd. Niet op een theoretische manier, maar gewoon door het te doen. “Omgaan met mensen met autisme bijvoorbeeld. Er is niet één perfecte manier om met iemand met autisme te praten. Je moet het gewoon doen, en per persoon ontdekken wat iemand nodig heeft.” Een veelgemaakte fout is volgens Carmel dan ook om teveel in te vullen en ongevraagd advies te geven. “Dat zit heel erg in de mens, en dat is vaak ook heel lief bedoeld, maar het is nog veel krachtiger als je mensen zélf vraagt hoe ze geholpen willen worden.”

 

Deel dit bericht!